Skip to content

“Dat zetje had ik nodig”

Hoe begon het voor jou?

“In het begin wilde ik eigenlijk niet. Ik zag er best tegenop. Ik wist niet wat het was en wat er van mij verwacht werd. Toch ben ik gegaan. Achteraf ben ik daar wel blij om. Dat zetje had ik gewoon nodig.”

Wat was er anders daar?

“Er werd anders naar mij gekeken. Niet alleen naar wat fout ging of wat niet lukte. Ze keken ook naar wat ik wel kon. Dat voelde anders.”

“De combinatie van behandeling en school hielp mij. Ik werkte aan dingen die moeilijk voor me waren, maar ik bleef ook gewoon met school bezig. Daardoor voelde ik me niet buitengesloten.”

Hoe was het om terug te gaan naar je eigen school?

“Dat vond ik spannend. Dat wel. Maar het was niet ineens. We hadden het samen opgebouwd. Daardoor werd het minder groot in mijn hoofd.”

“Toen ik terugging, merkte ik dat ik rustiger was. Ik wist beter wat ik nodig had. Het voelde niet als zomaar weer beginnen. Ik was voorbereid.”

En nu?

“Ik heb nog steeds ondersteuning. Alleen minder dan eerst. Het is overzichtelijker en het past beter bij mij.”

“Wat voor mij belangrijk is, is dat thuis, school en de behandeling met elkaar praten. Dat helpt echt.”

Als je terugkijkt?

“Ik ben blij dat ik het heb gedaan. Ook al moest ik eerst een beetje geduwd worden. Soms heb je dat gewoon nodig.”